Eeuwenoude kasteel De Binckhorst laat verleden herleven

De laatste eeuwen is er geen sprake meer van adellijke bewoning op kasteel “De Binckhorst”. Het historische landgoed, dat tot 1907 op Voorburgs grondgebied was gelegen, kende tijden van langdurig  verval en perioden van grote weelde. In de 19eeeuw werd het diverse malen geveild voor een bedrag van 10.000 tot 15.000 gulden.

Aflevering 80

Dankzij een advertentie uit 1803 van een komende veiling, krijgen we een idee wat de riddermatige hofstede “De Binckhorst” allemaal behelsde. Het landgoed was fraai aan de Vliet gelegen op nog geen kwartier afstand van het centrum van zowel Den Haag als Voorburg. De eenvoudige oprijlaan kwam uit op de Binckhorstlaan die toen al bestond als rechte, doch uiterst smalle weg door de weilanden. Naast het oude kasteeltje werden ook enkele schuren en stallen te koop aangeboden alsmede een woning voor de tuinman en een theekoepeltje aan het water. De oppervlakte van de bijbehorende landerijen bedroeg zo’n kleine 30 HA, inclusief de tuin en boomgaard met zijn exquise vruchtenbomen. 

Heerlijkheid

De ridderhofstede lag tamelijk geïsoleerd van de buitenwereld. Buren waren vooral de boeren uit de omgeving. De bewoners van het oude kasteel waren afkomstig uit enkele mooie adellijke families, waarvan de eersten zich tooiden met de achternaam “Binckhorst”. Volgens kronieken en overlevering moet Evert van den Binckhorst in 1076 worden beschouwd als de eerste bewoner van het eenvoudige stenen bouwsel. Later zien we ridder Simon van Benthem als eigenaar, doch deze geeft het goed aan de graaf van Holland en leent het van hem terug. Een merkwaardige constructie wellicht, doch mogelijk kreeg Van Benthem hiervoor bepaalde emolumenten, zoals grafelijke bescherming bij aanvallen. De bezitters en opvolgers van het leen zijn via de leenkamer te volgen. Vanaf dat moment tooien de bezitters zich met de titel “heer van de Binckhorst”.  

Snouckaert

In 1464 ging de hofstede over op het geslacht Pous en vervolgens kwam het in 1563 bij topambtenaar Willem Snouckaert (1516-1565) terecht, die vanaf 1543 raadsheer was bij het Hof van Holland. Familielid Jacob kreeg in 1613 een heus lofdicht aangeboden op de Binckhorst geschreven door Philibert van Borssele. Jacobs edele en bedaarde karakter werd in dichtvorm geroemd net zoals de ridderhofstede met zijn sierlijke tuin, die Jacob zo koesterde. De ridderhofstede was de familie zeer dierbaar. Gelijk vele hoge bestuurders was voor hem de locatie in het nabije Voorburg ideaal om niet alleen de drukte te mijden, maar vooral de stankoverlast veroorzaakt door de open riool van de vele grachten. De vooraanstaande familie Scnouckaert zou tot 1690 het landgoed bestieren en uitbreiden.  Daarna kwamen er verschillende bewoners op het veredelde landhuis terecht, die er een allegaartje van maakten. Pas een halve eeuw later kwam er weer iemand met enig historisch besef.

Restauratie

De eerste niet-adellijke bewoner Johan Huyman mocht zich in 1727 de nieuwe bezitter van het kasteeltje noemen. Deze Rotterdamse koopman ging voortvarend te werk en moderniseerde zijn schitterende onderkomen in de stijl van de 18eeeuw. Hij was één der laatste bewoners die begaan was met het landgoed alvorens het werd uitgewoond door talrijke personen, die daar slechts enkele jaren verbleven. 

In 1927 was in het toenmalige kasteel een café gevestigd, waar het rumoerig aan toe kon gaan. Zodanig zelfs dat er een ernstige vecht- en steekpartij plaatsvond, die de ridderlijke hofstede onwaardig was. Bijna leek het of de tijd van Hoeken en Kabeljauwen was teruggekeerd! 

Hebt u herinneringen aan het kasteel en omgeving?

Reacties naar

Frans van der Helm

helmhuis@ziggo.nl

Recente berichten