Alsof het geen winter worden wil
Bovenstaande zin komt uit het Verkadealbum Winter, dat lang geleden uitgegeven is. Ik heb de indruk dat deze zin meer in deze tijd past. Glad en wijd ligt het ijs in een veeg wit en grijs en de lucht, tastbre kou, is gestolpt onder blauw. Dit begin van het gedicht Schaatsenrijden, dat Clara Eggink die enkele jaren in Den Haag gewoond heeft in 1934 schreef, lijkt helaas ook verleden tijd te zijn. Ik heb heel goede herinneringen aan het op je Friese doorlopers de polder intrekken om een Merentocht of een Molentocht te gaan rijden. In dit artikel wil ik onder andere iets over dat Verkadealbum vertellen en over de schrijver ervan.
Plaatjes sparen
Zoals velen van jullie weten, was het vroeger gebruikelijk om plaatjes te sparen die je vervolgens in een album kon plakken. Spannend om dat laatste plaatje in je bezit te krijgen en het was vaak nog leerzaam ook. Tot nu toe zijn er zo’n tweeduizend plaatjesalbums in ons land uitgegeven door minstens vijfhonderd firma’s. Het gaat hier om reclamemateriaal. De naam van de betreffende firma wordt bij herhaling genoemd en wil men de plaatjes verzamelen dan zal men de producten van die firma moeten kopen. Een van de bijkomende effecten is het ruilen ervan. Er valt niet aan te ontkomen dat men er een krijgt die men al heeft, om het vervolgens via ruilen te vervangen door plaatjes die nog ontbreken. Vaak wordt er aan het eind van zo’n actie de mogelijkheid geboden om te ruilen. Een van de alleroudste of misschien wel dé oudste firma die hiermee begonnen is, is Verkade.
Wie kent ze niet, de Verkade-albums? Van deze firma zijn er meer dan drie miljoen albums in druk verschenen. Men is begonnen met sprookjesalbums die vanaf 1903 uitgegeven zijn. De bijbehorende plaatjes werden in Duitsland gedrukt. Dit werd een groot succes en men besloot vervolgens albums uit te gaan geven die betrekking hebben op de natuur en het landschap. De bekende schoolmeester Jac. P. Thijsse heeft veel van de teksten geschreven. Enkele van die albums haalden een oplage van meer dan een miljoen exemplaren! Het opplakken van die plaatjes was overigens geen eenvoudige zaak. Herinnert u zich nog dat glazen potje van Gluton met een apart vakje voor het bijbehorende kwastje? Dat gaat tegenwoordig iets eenvoudiger, omdat de lijm er al op zit. Er worden de laatste tijd immers weer van dit soort albums uitgegeven. Zo is er enige tijd geleden een album over de historie van het dorp Wassenaar uitgegeven. Een plaatselijke supermarkt heeft dit samen met de Historische Vereniging Oud-Wassenaer gedaan en ook in Scheveningen werd in 2021 een dergelijk album uitgegeven. Wilde je enkele jaren geleden bijvoorbeeld op de Boekenmarkt zo’n Verkadealbum kopen, dan moest je daar een flink bedrag voor neertellen. Twee van die albums over Friesland en Texel zijn in een kleinere oplage uitgebracht en die waren dan ook stukken duurder. Daar kwam nog bij dat je het album dat je wilde kopen bladzijde voor bladzijde moest nakijken om er zeker van te zijn dat er geen plaatjes ontbraken. Die prijzen zijn overigens enorm gekelderd.
Jacobus Pieter Thijsse is op 25 juli 1865 in Maastricht geboren. Zijn vader Jacobus was beroepsmilitair en zijn moeder heette Catharina Johanna Priester. Hij had drie broertjes. Door het beroep van zijn vader verhuisde het gezin nogal eens. Als kind al had Ko, zoals hij genoemd werd, belangstelling voor de natuur. Hij ging in Woerden naar de lagere school. Van 1879 tot 1883 was hij leerling op de kweekschool voor onderwijzers en onderwijzeressen in Amsterdam. Hij verdiepte zich vooral in de natuurlijke historie. Hij legde in die tijd een indrukwekkend herbarium aan. In 1883 ging hij op een Amsterdamse school werken en in de avonduren studeerde hij voor de hoofdakte. Eind 1889 werd hij benoemd tot hoofd van de Franse school in Den Burg op het eiland Texel. De Franse school kunnen we zien als een voorloper van de mulo, die later mavo ging heten. In 1891 trouwde hij met een onderwijzeres die hij op de kweekschool had leren kennen, Helena Christina Petronella Bosch.
Ze kregen twee zonen, Johannes en Jacobus. Omdat zijn vrouw niet op Texel wilde blijven wonen, verhuisde het gezin in 1892 naar Amsterdam, waar Ko hoofd van een openbare school werd. Hier ontmoette hij Eli Heimans, die ook hoofd van een school was. Ze waren gelijkgestemd en zouden veel gaan samenwerken, zowel aan artikelen als aan boeken en natuurbladen. Eind 1901 werd Ko benoemd tot leraar kennis der natuur aan de kweekschool waar hij zelf leerling was geweest. Om gezondheidsredenen verhuisde het gezin naar Bloemendaal. In 1921 werd hij leraar aan het Kennemer Lyceum in Bloemendaal en in 1930 ging hij hier met pensioen. Hij werd opgevolgd door de bioloog dr. Molle Eisma, de oudste broer van mijn vader. Op 8 januari 1945 is Jacobus Thijsse in Overveen overleden.
Hij heeft samen met Eli Heimans ontzettend veel voor onze natuur betekend. Ik zal hier enkele voorbeelden van geven. In 1922 verleende de Gemeentelijke Universiteit van Amsterdam hem een eredoctoraat, in 1925 werd hij officier in de Orde van Oranje-Nassau en in 1935 ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw. In 1896 werd het natuurwetenschappelijk tijdschrift De Levende Natuur door Jac P. Thijsse, Eli Heimans en nog iemand opgericht. Mijn eerdergenoemde oom Molle Eisma publiceerde hierin al toen hij net aan de studie biologie begonnen was. Hij heeft Ko Thijsse dan ook goed gekend. Rond 1900 had het gemeentebestuur van Amsterdam bedacht om het Naardermeer te laten dempen en er een vuilstortplaats van te maken. Ko Thijsse was een van de eersten die hiertegen in verzet kwam. Hij stond dan ook aan de wieg van de oprichting van de Vereniging tot Behoud van Natuurmonumenten die in 1905 opgericht is en in 1906 het Naardermeer gekocht heeft, zodat het niet kon worden gedempt.
Het Verkadealbum Winter
In 1906 werd er door Bakkerij De Ruijter der firma Verkade & Comp een plaatjesalbum uitgegeven met als titel Lente. Twee jaar daarvoor was de natuurkenner Jacobus Thijsse gevraagd of hij de tekst voor dit album wilde gaan schrijven. Hoewel hij gezegd zou hebben: “Ze hebben me voor de reclame gevraagd”, ging hij hier toch mee akkoord. In 1909 verscheen na Zomer en Herfst het vierde deel getiteld Winter. Samen met de kunstenaars L.W.R. Wenckebach, Jan van Oort en Jan Voerman Jr. die de illustraties verzorgden, is er een prachtig album ontstaan. In het voorwoord staat onder andere: “Dit boek sluit de jaargetijdencyclus. De collectie van vier albums vormt nu een standaardwerkje, waaruit voor jong en oud een schat van wetenswaardigheden over bloemen, planten en dieren is te putten. Hoevelen zijn de ogen geopend voor de mooie natuur, door het lezen en bekijken onzer albums? In hoeveel gezinnen zijn onze albums een voortdurende bron van genot!” In 1975 verscheen er een herdruk van dit album en dat zegt wel iets over de populariteit ervan.
Ik moest een keuze maken uit de vele illustraties en heb gekozen voor die van de in Den Haag geboren kunstenaar Willem Wenckebach.
Details
-
Schrijver
Carl Doeke Eisma -
E-mail
Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. -
Fotobijschrift
Getekend door Willem Wenckebach -
Editie
03-2025